Het online programma waarmee ik dit soort geanimeerde stripjes maak, heet Bubblesnaps.
Je kan, na het aanmaken van een account, heel eenvoudig foto's uploaden en bewerken met tekstballonnetjes. Afgewerkte foto's kan je zonder problemen mailen of embedden. Alleen jammer dat je maar een beperkt aantal (18) bubblesnaps kan maken.
Voorlopig heb alleen ik een account en maken de kinderen foto's en tekstballonnetjes op papier. Maar het is natuurlijk veel handiger als ze dit helemaal zelf kunnen gaan doen. Plannen voor 2013 dus.
Fijne feestdagen!
dinsdag 25 december 2012
donderdag 13 december 2012
My Instant Classroom
Hier was ik al lang naar op zoek!
En dankzij ict-vijver - een blog waarop je je trouwens zéker via RSS moet abonneren - eindelijk gevonden: een tool om zonder zuchten en zeuren van plaats te wisselen in de klas. Ik heb gisteren snel een account aangemaakt bij My Instant Classroom, mijn digitale 'klas' in orde gebracht en bankjes klaargezet, en namen ingevoerd.
Vandaag gaan we van plaats wisselen. Ik toon de digitale klas op het bord, klik op 'shuffle names' en iedereen heeft een nieuwe plek. Het klinkt zo simpel, laat ons hopen dat het ook echt zo is...
My Instant Classroom heeft trouwens nog meer mogelijkheden. Je kan ook groepjes maken of willekeurig een leerling uitkiezen. Dat ga ik binnenkort ook vast nog uittesten.
Veel mogelijkheden, zo lijkt het!
En dankzij ict-vijver - een blog waarop je je trouwens zéker via RSS moet abonneren - eindelijk gevonden: een tool om zonder zuchten en zeuren van plaats te wisselen in de klas. Ik heb gisteren snel een account aangemaakt bij My Instant Classroom, mijn digitale 'klas' in orde gebracht en bankjes klaargezet, en namen ingevoerd.
Vandaag gaan we van plaats wisselen. Ik toon de digitale klas op het bord, klik op 'shuffle names' en iedereen heeft een nieuwe plek. Het klinkt zo simpel, laat ons hopen dat het ook echt zo is...
My Instant Classroom heeft trouwens nog meer mogelijkheden. Je kan ook groepjes maken of willekeurig een leerling uitkiezen. Dat ga ik binnenkort ook vast nog uittesten.
Veel mogelijkheden, zo lijkt het!
maandag 10 december 2012
Yurls zoektocht
Sommige yurlscollega's draaien er hun hand niet voor om, maar ik vind het toch altijd knap weer wat werk, zo'n nieuwe Yurls aanmaken. Van nul beginnen, dat is toch wel echt van héél weinig. In drie jaar tijd, waarin ik ook in drie verschillende leerjaren lesgaf, heb ik drie yurlsen gemaakt. Voor elk leerjaar eentje. Eigenlijk vier als je mijn persoonlijke yurls ook meetelt.
Nu vind ik dat eigenlijk helemaal niet erg. Ik zoek en surf graag, knippen, plakken... Het is een hobby. Bovendien kan je tegenwoordig ook hele boxen kopiëren, dus dat maakt het al net wat handiger. Het spreekt voor zich dat de beleefdheid vraagt om even terug te linken naar de pagina waar je iets 'geleend' hebt.
En als je op Twitter vraagt om hulp, wordt die vaak ook geboden. Je wordt geretweet, of je krijgt meteen reacties met handige yurlspagina's die je goed kan gebruiken. Zo kwam het dat @meesterhenkvink - die trouwens méér dan de moeite is om op Twitter te volgen - mij een tijd geleden attent maakte op de Yurls zoekfunctie. Ik kan niet zeggen dat hij goed verstopt zit, maar ik moet er dus blijkbaar altijd overheen gekeken hebben.
Voortaan gebruik ik dus bij het yurlsen alléén nog maar de Yurls zoekfunctie.
Wil ik een pagina maken over het klimaat? Dan tik ik het zoekwoord 'klimaat' in de lichte balk en ik klik op 'Yurls'. Een hele lijst met yurlssites over het klimaat verschijnt. En dat lukt dus ook bij de namen van de methodes die je gebruikt voor taal, rekenen of Frans. Of voor spelletjes. Of liedjes.
Het is echt een supertip geweest van @meesterhenkvink. Merci!
Nu vind ik dat eigenlijk helemaal niet erg. Ik zoek en surf graag, knippen, plakken... Het is een hobby. Bovendien kan je tegenwoordig ook hele boxen kopiëren, dus dat maakt het al net wat handiger. Het spreekt voor zich dat de beleefdheid vraagt om even terug te linken naar de pagina waar je iets 'geleend' hebt.
En als je op Twitter vraagt om hulp, wordt die vaak ook geboden. Je wordt geretweet, of je krijgt meteen reacties met handige yurlspagina's die je goed kan gebruiken. Zo kwam het dat @meesterhenkvink - die trouwens méér dan de moeite is om op Twitter te volgen - mij een tijd geleden attent maakte op de Yurls zoekfunctie. Ik kan niet zeggen dat hij goed verstopt zit, maar ik moet er dus blijkbaar altijd overheen gekeken hebben.
![]() |
| Daar dus. |
Wil ik een pagina maken over het klimaat? Dan tik ik het zoekwoord 'klimaat' in de lichte balk en ik klik op 'Yurls'. Een hele lijst met yurlssites over het klimaat verschijnt. En dat lukt dus ook bij de namen van de methodes die je gebruikt voor taal, rekenen of Frans. Of voor spelletjes. Of liedjes.
Het is echt een supertip geweest van @meesterhenkvink. Merci!
zaterdag 1 december 2012
RSS
Ik las laatst dat bloggen alweer uit de mode is. Nog eventjes op de tanden bijten en dan ben je als blogger retro en dus weer helemaal 'in'. Maar het lijkt wel alsof heel wat onderwijsmensen het bloggen nu pas ontdekken. En dat is prima. Het is knap wanneer je deelt wat je hebt en weet, zeker in het onderwijs.
Blogs die ik de moeite vind, volg ik op de voet. Ondertussen zijn het er een honderdtal. Het spreekt voor zich dat ik die blogs niet elke avond persoonlijk ga bezoeken, dan zou de avond veel te kort zijn. Nee, ik heb me op al die blogs geabonneerd via RSS.
RSS is de afkorting van Really Simple Syndication. Blogs maken namelijk, naast hun gewone internetbericht, ook een automatische RSS-feed. Dat is een vereenvoudigde uitgave van dat online artikel. Die feeds kan je lezen met speciale RSS-lezers of websites. Als je je abonneert op feeds via zo'n feedreader, komen de nieuwe artikels op al die blogs eigenlijk naar je toe. Je hoeft ze niet meer zelf op te gaan zoeken. Klik je feedreader open en alle nieuwe artikels staan netjes op een rijtje. Veel tijd en moeite gespaard en toch altijd snel op de hoogte van nieuwe berichten.
Ik gebruik zelf Google Reader, een online RSS-lezer, die me toelaat om vanaf elke computer of mijn telefoon mijn feeds te lezen. Als ik een interessante blog tegenkom, zoek ik het RSS-symbooltje. Via dat symbool kan je je heel makkelijk abonneren op feeds.
Dit filmpje van @BramFaems legt het heel duidelijk uit.
Blogs die ik de moeite vind, volg ik op de voet. Ondertussen zijn het er een honderdtal. Het spreekt voor zich dat ik die blogs niet elke avond persoonlijk ga bezoeken, dan zou de avond veel te kort zijn. Nee, ik heb me op al die blogs geabonneerd via RSS.
RSS is de afkorting van Really Simple Syndication. Blogs maken namelijk, naast hun gewone internetbericht, ook een automatische RSS-feed. Dat is een vereenvoudigde uitgave van dat online artikel. Die feeds kan je lezen met speciale RSS-lezers of websites. Als je je abonneert op feeds via zo'n feedreader, komen de nieuwe artikels op al die blogs eigenlijk naar je toe. Je hoeft ze niet meer zelf op te gaan zoeken. Klik je feedreader open en alle nieuwe artikels staan netjes op een rijtje. Veel tijd en moeite gespaard en toch altijd snel op de hoogte van nieuwe berichten.
Ik gebruik zelf Google Reader, een online RSS-lezer, die me toelaat om vanaf elke computer of mijn telefoon mijn feeds te lezen. Als ik een interessante blog tegenkom, zoek ik het RSS-symbooltje. Via dat symbool kan je je heel makkelijk abonneren op feeds.
Dit filmpje van @BramFaems legt het heel duidelijk uit.
zaterdag 24 november 2012
Jigsawplanet
Het lijkt me sterk, maar naar het schijnt zijn er nog leerkrachten die Jigsawplanet niet kennen.
Op deze website kan je online puzzelen, van makkelijk tot aartsmoeilijk, van dierenpuzzels tot Disneypuzzels, voor ieder wat wils. En kan je je zin niet vinden in de duizenden puzzels die al op Jigsawplanet staan, dan maak je gewoon zelf een puzzel. Je hoeft zelfs geen account aan te maken. Foto uploaden van je computer, een naam geven aan je puzzel, het aantal en de vorm van de puzzelstukjes bepalen en aanvinken wanneer de puzzelstukjes ook mogen draaien.
Je kan de puzzel heel eenvoudig maken door te slepen en op de juiste plek te laten vallen, ideaal voor op het digibord. Als je op het schilderijtje linksonder klikt, dan kan je even 'spieken' en de originele foto zien. Met het spookje zie je de foto wazig op de achtergrond en met het tandwiel kan je de gemaakte puzzel weer door elkaar halen of de achtergrond aanpassen.
Delen kan via mail, Facebook, Twitter of Google+. Maar je kan, zoals je ziet, de puzzel ook embedden op een blog. Het hele spel of een afbeelding met een link, zoals je dat zelf het liefst wilt.
35
In 't leesgras
Puzzelen op Jigsawplanet kan een leuk tussendoortje zijn binnen een project of thema. Maar kinderen kunnen dit eigenlijk ook best zelf. Ik ga met mijn 11-jarigen eens proberen een puzzel te maken voor de kleuters of de kinderen van de 1ste graad. Die puzzels zouden kunnen gaan over Sinterklaas, een of ander ander W.O.-thema, plekjes in de school, eerste woordjes, ...
Maar eerst even een goede mediawijze babbel met mijn tieners over foto's uploaden van jezelf natuurlijk. En dan... aan het werk!
Op deze website kan je online puzzelen, van makkelijk tot aartsmoeilijk, van dierenpuzzels tot Disneypuzzels, voor ieder wat wils. En kan je je zin niet vinden in de duizenden puzzels die al op Jigsawplanet staan, dan maak je gewoon zelf een puzzel. Je hoeft zelfs geen account aan te maken. Foto uploaden van je computer, een naam geven aan je puzzel, het aantal en de vorm van de puzzelstukjes bepalen en aanvinken wanneer de puzzelstukjes ook mogen draaien.
Je kan de puzzel heel eenvoudig maken door te slepen en op de juiste plek te laten vallen, ideaal voor op het digibord. Als je op het schilderijtje linksonder klikt, dan kan je even 'spieken' en de originele foto zien. Met het spookje zie je de foto wazig op de achtergrond en met het tandwiel kan je de gemaakte puzzel weer door elkaar halen of de achtergrond aanpassen.
Delen kan via mail, Facebook, Twitter of Google+. Maar je kan, zoals je ziet, de puzzel ook embedden op een blog. Het hele spel of een afbeelding met een link, zoals je dat zelf het liefst wilt.
In 't leesgras
Puzzelen op Jigsawplanet kan een leuk tussendoortje zijn binnen een project of thema. Maar kinderen kunnen dit eigenlijk ook best zelf. Ik ga met mijn 11-jarigen eens proberen een puzzel te maken voor de kleuters of de kinderen van de 1ste graad. Die puzzels zouden kunnen gaan over Sinterklaas, een of ander ander W.O.-thema, plekjes in de school, eerste woordjes, ...
Maar eerst even een goede mediawijze babbel met mijn tieners over foto's uploaden van jezelf natuurlijk. En dan... aan het werk!
Labels:
creatief,
digibord,
games,
ict,
leesgras,
mediawijsheid,
tussendoortjes
vrijdag 16 november 2012
Shot
donderdag 8 november 2012
Groeigras vs ict-eindtermen, 3de ronde
Het lijkt ondertussen wel een promobabbel te worden, maar het is niet anders. Bloggen en de eindtermen, dat gaat een mooi duo worden, denk ik.
Maar wacht, er komt nog een allerlaatste 3de ronde!
7. De leerlingen kunnen ICT gebruiken bij het voorstellen van informatie aan anderen.
Kinderen moeten dus informatie voorstellen aan anderen, op een gestructureerde manier, met bronvermelding, kritisch en rekening houdend met wat anderen verwachten.
Tsja... Dat is bijna de definitie van bloggen, toch? De informatie is wat er in de klas gebeurt: uitstappen, gelezen boeken, thema's, knutselwerkjes, oefeningen... De gestructureerde manier, dat is het format van een blog: een dagboek waarbij het laatste bericht automatisch bovenaan komt te staan, met labels en reactieformulier, en de mogelijkheid om allerlei gadgets toe te voegen. Bronvermelding, dat zijn wij zelf, want meestal komt enkel eigen werk op de blog.
8. De leerlingen kunnen ICT gebruiken om op een veilige, verantwoorde en doelmatige manier te communiceren.
Dat lijkt me duidelijk. Kinderen kunnen de verschillende communicatiemogelijkheden efficiënt en adequaat gebruiken, met vallen en opstaan. Hierbij hanteren ze een goede netiquette en een juiste taal.
Via de klasblog maken de kinderen alvast kennis met het bloggen als communicatiemiddel. We praten in de klas veel over ICT, omdat het zowel de kinderen als mezelf boeit. Veel van hen chatten, sturen sms'jes, mailen met elkaar of spelen games. Daarbij gebruiken ze verschillende talen: Engels, standaardtaal, dialect, afkortingen, emoticons, jongerentaal. Het is natuurlijk de kunst om voor elk communicatiekanaal het juiste taalgebruik te kiezen. We proberen zoveel mogelijk te bloggen in standaardtaal, al zijn we niet vies van een smiley of emoticon hier of daar.
Respect voor elkaar vinden we zo mogelijk nog belangrijker. Je zegt niet online wat je ook niet IRL tegen een ander zou zeggen. En je behandelt anderen zoals je zelf behandeld wilt worden. Het klinkt simpel, maar we merken in de klas dat kinderen vaak niet goed de draagwijdte van hun woorden op het internet kunnen inschatten. Des te meer redenen om te oefenen natuurlijk. Al doende leert men.
Zo, dat waren ze. Alle 8 ICT-eindtermen op een rijtje...
Mijn besluit? Ik ga nog een tijdje door met bloggen.
Maar wacht, er komt nog een allerlaatste 3de ronde!
7. De leerlingen kunnen ICT gebruiken bij het voorstellen van informatie aan anderen.
Kinderen moeten dus informatie voorstellen aan anderen, op een gestructureerde manier, met bronvermelding, kritisch en rekening houdend met wat anderen verwachten.
Tsja... Dat is bijna de definitie van bloggen, toch? De informatie is wat er in de klas gebeurt: uitstappen, gelezen boeken, thema's, knutselwerkjes, oefeningen... De gestructureerde manier, dat is het format van een blog: een dagboek waarbij het laatste bericht automatisch bovenaan komt te staan, met labels en reactieformulier, en de mogelijkheid om allerlei gadgets toe te voegen. Bronvermelding, dat zijn wij zelf, want meestal komt enkel eigen werk op de blog.
8. De leerlingen kunnen ICT gebruiken om op een veilige, verantwoorde en doelmatige manier te communiceren.
Dat lijkt me duidelijk. Kinderen kunnen de verschillende communicatiemogelijkheden efficiënt en adequaat gebruiken, met vallen en opstaan. Hierbij hanteren ze een goede netiquette en een juiste taal.
Via de klasblog maken de kinderen alvast kennis met het bloggen als communicatiemiddel. We praten in de klas veel over ICT, omdat het zowel de kinderen als mezelf boeit. Veel van hen chatten, sturen sms'jes, mailen met elkaar of spelen games. Daarbij gebruiken ze verschillende talen: Engels, standaardtaal, dialect, afkortingen, emoticons, jongerentaal. Het is natuurlijk de kunst om voor elk communicatiekanaal het juiste taalgebruik te kiezen. We proberen zoveel mogelijk te bloggen in standaardtaal, al zijn we niet vies van een smiley of emoticon hier of daar.
Respect voor elkaar vinden we zo mogelijk nog belangrijker. Je zegt niet online wat je ook niet IRL tegen een ander zou zeggen. En je behandelt anderen zoals je zelf behandeld wilt worden. Het klinkt simpel, maar we merken in de klas dat kinderen vaak niet goed de draagwijdte van hun woorden op het internet kunnen inschatten. Des te meer redenen om te oefenen natuurlijk. Al doende leert men.
Zo, dat waren ze. Alle 8 ICT-eindtermen op een rijtje...
Mijn besluit? Ik ga nog een tijdje door met bloggen.
woensdag 31 oktober 2012
Groeigras vs ict-eindtermen, 2de ronde
Het denkwerk over bloggen versus eindtermen is in volle gang, dus... de tweede ronde.
5. De leerlingen kunnen ICT gebruiken om eigen ideeën creatief vorm te geven.
Kinderen moeten dus, volgens deze eindterm, beeld, geluid, foto, video, tekst én een daarbij passend programma gebruiken om eigen ideeën creatief vorm te geven. Vervolgens moeten ze ook hun eigen creatie en die van anderen kritisch bekijken en beoordelen.
Een blog lijkt me een schitterend kanaal om ideeën vorm te geven.
Ik moet wel toegeven dat de structuur van onze klasblog vooral door mezelf wordt bepaald: de lay-out, de pagina's, de gadgetbalk rechts... Zo blijft de continuïteit en de herkenbaarheid wat bewaard. Maar hierin kan Groeigras dus zeker nog verbeteren, zodat de blog nog méér iets van de kinderen wordt.
De kinderen mogen altijd berichten schrijven voor op de blog. Maar om de paar weken krijgen ze ook een blogbeurt. Dan moeten ze, samen met een partner, tegen het eind van de week een artikel schrijven.
Vaak kiezen ze voor een verslag van een activiteit, of een weekoverzicht. Hierin moeten ze duidelijk nog groeien. Een mooi artikel schrijven, dat mensen graag lezen, is niet zo eenvoudig. In de klas zal ik zeker met de kinderen nog moeten werken aan hun schrijfstijl.
Tot een tijdje geleden typten ze hun tekst gewoon in Word. Na wat knippen en plakken van mijn kant verscheen hun berichtje dan op de blog. Via @BramFaems ontdekte ik LiveWriter. Dit programma installeerde ik op de klascomputer en het laat de kinderen toe om rechtstreeks in de blog schrijven, zonder dat ze aan de lay-out wat kunnen veranderen. Zo leren de kinderen ook hoe ze een tekst kunnen opmaken en hoe ze foto's of andere objecten kunnen invoegen. Natuurlijk blijft het auteursrecht een aandachtspunt.
Sommige kinderen denken verder na en komen met nieuwe ideeën. Zo zijn we dit jaar begonnen met 'wist-je-datjes'. Vorig schooljaar werkten we een tijd met een moppentrommel via Wallwisher. De avonturen van Jean en Julie inspireren anderen dan weer om aan de slag te gaan met foto's, bewerkt met eenvoudige fotobewerkingsprogramma's. Kinderen die goed kunnen tekenen, scannen wel eens een mooi werkstuk in. Een wedstrijd organiseren met een echte zelf geknutselde prijs vinden ze ook leuk om te doen. En via Issuu tonen we onze schrijfoefeningen aan iedereen.
Bloggen en creativiteit gaan goed samen, want in Blogger kan je heel wat creaties via YouTube, Box, Issuu, Voki..., insluiten of embedden.
Via de reacties-knop leren kinderen ook om het werk van anderen kritisch en opbouwend te bekijken. Ze schrijven een mooi compliment, of stellen een geïnteresseerde vraag. Het is niet de bedoeling om elkaars werk met de grond gelijk te maken. Die afspraak maken we al heel snel. Kritiek mag, maar het moet opbouwend zijn. Wat je schrijft op de blog, moet je ook in het echt durven zeggen tegen de ander.
We leren ook dat reacties op de blog vaak moeilijk te nuanceren zijn. Zeg dus liever in het echt wat je minder goed vindt aan iemands werk, dan kan je eventueel nog bijsturen met extra feedback of je gelaatsuitdrukking. En je ziet natuurlijk ook meteen de reactie van de ander.
6. De leerlingen kunnen met behulp van ICT voor hen bestemde digitale informatie opzoeken, verwerken en bewaren.
Papieren encyclopedieën, dat kennen onze kinderen bijna niet meer. Voor informatie duiken zij in de computer. Ze moeten dus goed kunnen kiezen welke digitale bronnen ze gaan gebruiken om die info te verzamelen, er kritisch mee omgaan, deze informatie beoordelen op zijn waarde én op een veilige plek bewaren.
Ook op onze klasblog leren de kinderen info opzoeken. Aan het begin van het schooljaar is de blog iets nieuws en maken ze kennis met het navigeren op de blog. Via het archief of de labels ontdekken ze oudere berichten, of berichten die te maken hebben met bijvoorbeeld 'rekenen'. Laat ons zeggen dat in september het label 'games' het meeste succes kent. :-)
Ik werk zelf vaak met hyperlinks in een tekst of afbeelding. Voor kinderen is het bijna natuurlijk dat ze daarop gaan doorklikken. Dat hoef ik zelden uit te leggen. In een later stadium leren ze zelf ook zulke links te leggen in eigen teksten.
In die eerste maand gaan we ook op zoek naar Groeigras. Want een blog kan je natuurlijk op verschillende plaatsen vinden. Eerst en vooral door een browser te openen en het adres in te tikken in de adresbalk. Maar dat is niet altijd handig. Daarom vinden ze de blog ook bij de favoriete sites, zeker op de klascomputers. Voor het gemak maakte ik ook een snelkoppeling op het bureaublad en kan je onze klasblog ook terugvinden via de yurlspagina en de schoolwebsite.
Informatie leren opzoeken via een klasblog, het kan dus. Natuurlijk gaat deze eindterm ook over het gebruiken van zoekrobots en online encyclopedieën, maar dat staat naast het werken op de klasblog.
De kinderen leren tijdens het bloggen ook informatie verwerken, door artikels te publiceren. Hierbij moeten ze steeds hun bronnen kritisch controleren voor ze iets openbaar maken. Zomaar knippen en plakken is wegens het auteursrecht natuurlijk ook uit den boze.
Als het artikel af is, moet het binnen de structuur van de blog natuurlijk ook een plaats krijgen, zodat lezers het later goed terug kunnen vinden. Welke labels passen bij het artikel?
Een blog lijkt een prima plek om informatie te bewaren, maar niets is voor eeuwig natuurlijk. Daarom bekijken we samen de mogelijkheden om die info ook echt veilig te stellen. Een consequent gebruik van de labels is al een goed begin, want als je je info goed ordent, vind je later ook oudere artikels goed terug. Maar het gaat natuurlijk verder dan dat. Je kan mooie artikels of creaties ook afprinten. Kinderen die dat willen, kunnen zelf een yurlspagina aanmaken met interessante links die verschenen op de blog. En het loont de moeite om regelmatig een back-up te maken van de blog. Zelf gebruik ik hiervoor IFTTT, maar binnen Blogger bestaat ook de mogelijkheid om een reservekopie te maken.
Zo, de komende dagen buig ik me over eindterm 7 en 8.
Benieuwd wat de eindbalans zal zijn...
5. De leerlingen kunnen ICT gebruiken om eigen ideeën creatief vorm te geven.
Kinderen moeten dus, volgens deze eindterm, beeld, geluid, foto, video, tekst én een daarbij passend programma gebruiken om eigen ideeën creatief vorm te geven. Vervolgens moeten ze ook hun eigen creatie en die van anderen kritisch bekijken en beoordelen.
Een blog lijkt me een schitterend kanaal om ideeën vorm te geven.
Ik moet wel toegeven dat de structuur van onze klasblog vooral door mezelf wordt bepaald: de lay-out, de pagina's, de gadgetbalk rechts... Zo blijft de continuïteit en de herkenbaarheid wat bewaard. Maar hierin kan Groeigras dus zeker nog verbeteren, zodat de blog nog méér iets van de kinderen wordt.
De kinderen mogen altijd berichten schrijven voor op de blog. Maar om de paar weken krijgen ze ook een blogbeurt. Dan moeten ze, samen met een partner, tegen het eind van de week een artikel schrijven.
Vaak kiezen ze voor een verslag van een activiteit, of een weekoverzicht. Hierin moeten ze duidelijk nog groeien. Een mooi artikel schrijven, dat mensen graag lezen, is niet zo eenvoudig. In de klas zal ik zeker met de kinderen nog moeten werken aan hun schrijfstijl.
Tot een tijdje geleden typten ze hun tekst gewoon in Word. Na wat knippen en plakken van mijn kant verscheen hun berichtje dan op de blog. Via @BramFaems ontdekte ik LiveWriter. Dit programma installeerde ik op de klascomputer en het laat de kinderen toe om rechtstreeks in de blog schrijven, zonder dat ze aan de lay-out wat kunnen veranderen. Zo leren de kinderen ook hoe ze een tekst kunnen opmaken en hoe ze foto's of andere objecten kunnen invoegen. Natuurlijk blijft het auteursrecht een aandachtspunt.
Sommige kinderen denken verder na en komen met nieuwe ideeën. Zo zijn we dit jaar begonnen met 'wist-je-datjes'. Vorig schooljaar werkten we een tijd met een moppentrommel via Wallwisher. De avonturen van Jean en Julie inspireren anderen dan weer om aan de slag te gaan met foto's, bewerkt met eenvoudige fotobewerkingsprogramma's. Kinderen die goed kunnen tekenen, scannen wel eens een mooi werkstuk in. Een wedstrijd organiseren met een echte zelf geknutselde prijs vinden ze ook leuk om te doen. En via Issuu tonen we onze schrijfoefeningen aan iedereen.
Bloggen en creativiteit gaan goed samen, want in Blogger kan je heel wat creaties via YouTube, Box, Issuu, Voki..., insluiten of embedden.
Via de reacties-knop leren kinderen ook om het werk van anderen kritisch en opbouwend te bekijken. Ze schrijven een mooi compliment, of stellen een geïnteresseerde vraag. Het is niet de bedoeling om elkaars werk met de grond gelijk te maken. Die afspraak maken we al heel snel. Kritiek mag, maar het moet opbouwend zijn. Wat je schrijft op de blog, moet je ook in het echt durven zeggen tegen de ander.
We leren ook dat reacties op de blog vaak moeilijk te nuanceren zijn. Zeg dus liever in het echt wat je minder goed vindt aan iemands werk, dan kan je eventueel nog bijsturen met extra feedback of je gelaatsuitdrukking. En je ziet natuurlijk ook meteen de reactie van de ander.
Papieren encyclopedieën, dat kennen onze kinderen bijna niet meer. Voor informatie duiken zij in de computer. Ze moeten dus goed kunnen kiezen welke digitale bronnen ze gaan gebruiken om die info te verzamelen, er kritisch mee omgaan, deze informatie beoordelen op zijn waarde én op een veilige plek bewaren.
Ook op onze klasblog leren de kinderen info opzoeken. Aan het begin van het schooljaar is de blog iets nieuws en maken ze kennis met het navigeren op de blog. Via het archief of de labels ontdekken ze oudere berichten, of berichten die te maken hebben met bijvoorbeeld 'rekenen'. Laat ons zeggen dat in september het label 'games' het meeste succes kent. :-)
Ik werk zelf vaak met hyperlinks in een tekst of afbeelding. Voor kinderen is het bijna natuurlijk dat ze daarop gaan doorklikken. Dat hoef ik zelden uit te leggen. In een later stadium leren ze zelf ook zulke links te leggen in eigen teksten.
In die eerste maand gaan we ook op zoek naar Groeigras. Want een blog kan je natuurlijk op verschillende plaatsen vinden. Eerst en vooral door een browser te openen en het adres in te tikken in de adresbalk. Maar dat is niet altijd handig. Daarom vinden ze de blog ook bij de favoriete sites, zeker op de klascomputers. Voor het gemak maakte ik ook een snelkoppeling op het bureaublad en kan je onze klasblog ook terugvinden via de yurlspagina en de schoolwebsite.
Informatie leren opzoeken via een klasblog, het kan dus. Natuurlijk gaat deze eindterm ook over het gebruiken van zoekrobots en online encyclopedieën, maar dat staat naast het werken op de klasblog.
De kinderen leren tijdens het bloggen ook informatie verwerken, door artikels te publiceren. Hierbij moeten ze steeds hun bronnen kritisch controleren voor ze iets openbaar maken. Zomaar knippen en plakken is wegens het auteursrecht natuurlijk ook uit den boze.
Als het artikel af is, moet het binnen de structuur van de blog natuurlijk ook een plaats krijgen, zodat lezers het later goed terug kunnen vinden. Welke labels passen bij het artikel?
Een blog lijkt een prima plek om informatie te bewaren, maar niets is voor eeuwig natuurlijk. Daarom bekijken we samen de mogelijkheden om die info ook echt veilig te stellen. Een consequent gebruik van de labels is al een goed begin, want als je je info goed ordent, vind je later ook oudere artikels goed terug. Maar het gaat natuurlijk verder dan dat. Je kan mooie artikels of creaties ook afprinten. Kinderen die dat willen, kunnen zelf een yurlspagina aanmaken met interessante links die verschenen op de blog. En het loont de moeite om regelmatig een back-up te maken van de blog. Zelf gebruik ik hiervoor IFTTT, maar binnen Blogger bestaat ook de mogelijkheid om een reservekopie te maken.
Zo, de komende dagen buig ik me over eindterm 7 en 8.
Benieuwd wat de eindbalans zal zijn...
donderdag 25 oktober 2012
Groeigras vs ict-eindtermen, 1ste ronde
Nog een paar maanden en dan zwaaien mijn 17 kinderen af in de basisschool. Dan moeten zij alle eindtermen bereikt hebben, ook de 8 vakoverschrijdende ICT-eindtermen.
Een paar maanden geleden verscheen het Nederlandse boek 'Sociale media op de basisschool' van Mijn Kind Online. Overtuigd van het nut, de zin en de doelen die ik meende te bereiken met onze klasblog Groeigras, deed ik in het boek mijn verhaal. Maar achteraf bedacht ik dat ik nog nooit het bloggen had gelegd op de ICT-diamant die wij in het Vlaamse onderwijs kennen.
Aan de slag dus.
1. De leerlingen hebben een positieve houding tegenover ICT en zijn bereid ICT te gebruiken ter ondersteuning van hun leren.
Al meteen een hele boterham. Eigenlijk wil men via deze eindterm bereiken dat kinderen het nut inzien van ICT. Dat ze spontaan naar ICT gaan grijpen als ze iets willen opzoeken, leren of creëren.
Ik zie aan de bezoekersstatistieken en aan de vragen om te mogen bloggen in de klas, dat die positieve houding wel snor zit bij ons. Bloggen vinden ze in de eerste plaats leuk om te doen. Natuurlijk scoren de spelletjes goed, maar dat niet alleen. Kinderen zijn ook nieuwsgierig om te lezen wat anderen schrijven. Ze gebruiken de blog ook om door te klikken naar oefenprogramma's zoals Bloon, onze yurlspagina of een online woordenboek.
Sinds kort werken we in de klas met LiveWriter, waardoor de kinderen rechtstreeks op de blog kunnen publiceren. Zo ontdekken ze dat de spellingcontrole toch wel écht handig is wanneer je iets publiceert voor vrienden en familie op de blog. En als je het écht niet weet, ga je naar de Van Dale Online of het Groene Boekje.
De blog staat dus regelmatig een hele dag open op de klascomputers, iedereen krijgt de kans om zijn steentje bij te dragen. En hoe meer de kinderen de mogelijkheden zien van een blog, hoe meer ideeën boven komen drijven voor foto's, moppen, wist-je-datjes of verslagjes.
2. De leerlingen gebruiken ICT op een veilige, verantwoorde en doelmatige manier.
Deze eindterm kan je heel breed opvatten. Respect hebben voor het materiaal en het gebruiken zoals het hoort, beseffen dat er gevaren zijn op het internet, kritisch blijven tegenover online informatie, weten wat privacy is en deze beschermen, zowel die van jezelf als die van anderen...
Een stokpaardje van me. Kinderen kunnen alléén maar leren - met vallen en opstaan - hoe ze verstandig kunnen omgaan met het internet als ze het ook echt mogen doén. Ik kreeg in het verleden heel wat vragen over de klasblog. "Moet dat nu echt? Ze zitten al zoveel op de computer! Wat als ze elkaar beginnen pesten op de blog? En die YouTube-filmpjes, daar staat zoveel reclame bij... Eigenlijk willen we niet dat onze kinderen zoveel online zetten..."
Ik begrijp dat allemaal. Maar leren is doen. En doen is fouten maken, er samen over praten en dan iets bijgeleerd hebben.
En later twee keer nadenken.
Wij praten in de klas heel veel over verstandig internetten. Elke ochtend gaat op het Smartboard de blog open en kijken we samen wat er verschenen is. Zo ontstaat vaak een spontaan gesprek over ervaringen van de leerlingen. We geven elkaar tips hoe het beter, veiliger kan. Soms moet ik uitleggen waarom iets niet te vertrouwen is. Waarom je waarschijnlijk niet die 'miljoenste bezoeker' bent en je beter niet op OK klikt. Hoe subtiel reclame soms verstopt zit in websites voor kinderen. En dat je niet zomaar plaatjes mag plukken van het internet, wegens het auteursrecht.
Maar het zijn geen uilen, die leerlingen van mij. Ze hebben dat snel door. Na enkele weken kunnen we samen een contract "Slimme surfers" opstellen.
3. De leerlingen kunnen zelfstandig oefenen in een door ICT ondersteunde leeromgeving.
4. De leerlingen kunnen zelfstandig leren in een door ICT ondersteunde leeromgeving.
Deze eindtermen hebben alles te maken met het zelfstandig oefenen binnen een programma. Juiste oefeningen aanklikken, goed lezen, doorzetten en vaak zichzelf corrigeren.
Bij het leren ontdekken ze programma's die hun leerproces ondersteunen, zoals zoekrobotten, encyclopedieën, tekstverwerkingsprogramma's, presentatieprogramma's, websites. Ze kunnen hiermee op een veilige en zelfstandige manier omgaan.
Om deze twee doelstellingen te bereiken gebruiken we Groeigras niet vaak. Op de blog kunnen de kinderen wel doorklikken naar zulke oefenprogramma's. Wij gebruiken in de klas vooral Yurls en Bloon, maar ook cd-roms die hun waarde bewezen hebben. Natuurlijk leren we ook intensief de andere voorgaande programma's gebruiken, maar niet via de klasblog.
Snel dus naar eindtermen 5, 6, 7 en 8, maar dat zal voor de 2de ronde zijn...
Een paar maanden geleden verscheen het Nederlandse boek 'Sociale media op de basisschool' van Mijn Kind Online. Overtuigd van het nut, de zin en de doelen die ik meende te bereiken met onze klasblog Groeigras, deed ik in het boek mijn verhaal. Maar achteraf bedacht ik dat ik nog nooit het bloggen had gelegd op de ICT-diamant die wij in het Vlaamse onderwijs kennen.
Aan de slag dus.
1. De leerlingen hebben een positieve houding tegenover ICT en zijn bereid ICT te gebruiken ter ondersteuning van hun leren.
Al meteen een hele boterham. Eigenlijk wil men via deze eindterm bereiken dat kinderen het nut inzien van ICT. Dat ze spontaan naar ICT gaan grijpen als ze iets willen opzoeken, leren of creëren.
Ik zie aan de bezoekersstatistieken en aan de vragen om te mogen bloggen in de klas, dat die positieve houding wel snor zit bij ons. Bloggen vinden ze in de eerste plaats leuk om te doen. Natuurlijk scoren de spelletjes goed, maar dat niet alleen. Kinderen zijn ook nieuwsgierig om te lezen wat anderen schrijven. Ze gebruiken de blog ook om door te klikken naar oefenprogramma's zoals Bloon, onze yurlspagina of een online woordenboek.
Sinds kort werken we in de klas met LiveWriter, waardoor de kinderen rechtstreeks op de blog kunnen publiceren. Zo ontdekken ze dat de spellingcontrole toch wel écht handig is wanneer je iets publiceert voor vrienden en familie op de blog. En als je het écht niet weet, ga je naar de Van Dale Online of het Groene Boekje.
De blog staat dus regelmatig een hele dag open op de klascomputers, iedereen krijgt de kans om zijn steentje bij te dragen. En hoe meer de kinderen de mogelijkheden zien van een blog, hoe meer ideeën boven komen drijven voor foto's, moppen, wist-je-datjes of verslagjes.
2. De leerlingen gebruiken ICT op een veilige, verantwoorde en doelmatige manier.
Deze eindterm kan je heel breed opvatten. Respect hebben voor het materiaal en het gebruiken zoals het hoort, beseffen dat er gevaren zijn op het internet, kritisch blijven tegenover online informatie, weten wat privacy is en deze beschermen, zowel die van jezelf als die van anderen...
Een stokpaardje van me. Kinderen kunnen alléén maar leren - met vallen en opstaan - hoe ze verstandig kunnen omgaan met het internet als ze het ook echt mogen doén. Ik kreeg in het verleden heel wat vragen over de klasblog. "Moet dat nu echt? Ze zitten al zoveel op de computer! Wat als ze elkaar beginnen pesten op de blog? En die YouTube-filmpjes, daar staat zoveel reclame bij... Eigenlijk willen we niet dat onze kinderen zoveel online zetten..."
Ik begrijp dat allemaal. Maar leren is doen. En doen is fouten maken, er samen over praten en dan iets bijgeleerd hebben.
En later twee keer nadenken.
Maar het zijn geen uilen, die leerlingen van mij. Ze hebben dat snel door. Na enkele weken kunnen we samen een contract "Slimme surfers" opstellen.
3. De leerlingen kunnen zelfstandig oefenen in een door ICT ondersteunde leeromgeving.
4. De leerlingen kunnen zelfstandig leren in een door ICT ondersteunde leeromgeving.
Deze eindtermen hebben alles te maken met het zelfstandig oefenen binnen een programma. Juiste oefeningen aanklikken, goed lezen, doorzetten en vaak zichzelf corrigeren.
Bij het leren ontdekken ze programma's die hun leerproces ondersteunen, zoals zoekrobotten, encyclopedieën, tekstverwerkingsprogramma's, presentatieprogramma's, websites. Ze kunnen hiermee op een veilige en zelfstandige manier omgaan.
Om deze twee doelstellingen te bereiken gebruiken we Groeigras niet vaak. Op de blog kunnen de kinderen wel doorklikken naar zulke oefenprogramma's. Wij gebruiken in de klas vooral Yurls en Bloon, maar ook cd-roms die hun waarde bewezen hebben. Natuurlijk leren we ook intensief de andere voorgaande programma's gebruiken, maar niet via de klasblog.
Snel dus naar eindtermen 5, 6, 7 en 8, maar dat zal voor de 2de ronde zijn...
woensdag 17 oktober 2012
Quartier étoile 6A
Na een jaar van vergelijken, leerplan bestuderen, wikken en wegen, zijn we dit schooljaar in het 6de leerjaar begonnen met een nieuwe methode van Frans. We hebben gekozen voor Quartier Etoile van uitgeverij Pelckmans. Voorlopig bevalt deze methode goed, al zijn we natuurlijk nog maar pas bezig.
De leerlingen werken met een dik leerwerkboek. Daarin staan teksten, oefeningen, spelletjes, woordpakketten en grammatica. Het is een hele bundel om mee naar huis te nemen, zowel voor de kinderen als voor mezelf. Daarom maakte ik onthoudbladen, met enkel de nieuwe woorden en de nieuwe grammatica.
Eens uitproberen hoe dit gaat...
En misschien kan jij hier ook wat mee doen?
De leerlingen werken met een dik leerwerkboek. Daarin staan teksten, oefeningen, spelletjes, woordpakketten en grammatica. Het is een hele bundel om mee naar huis te nemen, zowel voor de kinderen als voor mezelf. Daarom maakte ik onthoudbladen, met enkel de nieuwe woorden en de nieuwe grammatica.
Eens uitproberen hoe dit gaat...
En misschien kan jij hier ook wat mee doen?
donderdag 11 oktober 2012
Tacoyaki+
Gek word ik ervan.
Ik speel dit spel zonder enige tactiek. Dat is waarschijnlijk het probleem.
Alle bolletjes moeten dezelfde kleur krijgen, het klinkt simpel. Ik ben benieuwd wie van mijn bollebozen vaak genoeg Brain Trainer heeft gespeeld om dit uit te zoeken...
Ik speel dit spel zonder enige tactiek. Dat is waarschijnlijk het probleem.
Alle bolletjes moeten dezelfde kleur krijgen, het klinkt simpel. Ik ben benieuwd wie van mijn bollebozen vaak genoeg Brain Trainer heeft gespeeld om dit uit te zoeken...
Labels:
breinbrekers,
digibord,
games,
ict,
tussendoortjes
zondag 7 oktober 2012
Clay yourself
Ik ben met mijn neus in de boter gevallen in het 6de leerjaar. Mijn collega's hebben prachtige knutselideeën. Ik hoop dat ze het niet erg vinden dat ik een tipje van de sluier oplicht...
Tijdens de eerste weken van het schooljaar werken de kinderen aan een groot, viervoudig zelfportret. Eén van de vier portretten is een foto van zichzelf. Door goed naar die foto te kijken, maken de kinderen ook een zelfportret in houtskool. Daarna bewerken ze de foto ook naar eigen smaak in Be Funky. En tenslotte tekenen ze zichzelf in de stijl van Picasso. Die vier kleine portretten worden dus bij elkaar gebracht in een vierluik, echt mooi.
Ik had in mijn klas problemen om de foto's te uploaden naar Be Funky. Daarom moest ik wat anders bedenken. Ik dacht meteen aan Clay Yourself, een online programma dat ik al lang bij mijn favorieten had bewaard, maar nog nooit gebruikt.

In Clay Yourself kan je een kleimannetje maken van jezelf. Je hebt geen account nodig, iets waar ik altijd heel erg blij mee ben. De leerlingen bekeken goed hun eigen foto en probeerden daarna zichzelf na te maken in klei. Je kan je kleimannetje daarna downloaden als JPG-bestand. Dat hebben we dan afgeprint en gebruikt als 4de portret.
Maar ik ga Clay Yourself vast nog een keer gebruiken. In de Franse les bijvoorbeeld. Onze jongens en meisjes kunnen al goed mensen beschrijven in het Frans. 'Elle a les yeux bleus', 'Elle porte une blouse verte' of 'Elle a les cheuveux blonds', dat moet al lukken.
Gewone kleifiguren maken is leuk, maar knotsgekke kleifiguren maken is nog véél grappiger. En die kan je dan weer goed beschrijven en français. Voilà!
Tijdens de eerste weken van het schooljaar werken de kinderen aan een groot, viervoudig zelfportret. Eén van de vier portretten is een foto van zichzelf. Door goed naar die foto te kijken, maken de kinderen ook een zelfportret in houtskool. Daarna bewerken ze de foto ook naar eigen smaak in Be Funky. En tenslotte tekenen ze zichzelf in de stijl van Picasso. Die vier kleine portretten worden dus bij elkaar gebracht in een vierluik, echt mooi.
Ik had in mijn klas problemen om de foto's te uploaden naar Be Funky. Daarom moest ik wat anders bedenken. Ik dacht meteen aan Clay Yourself, een online programma dat ik al lang bij mijn favorieten had bewaard, maar nog nooit gebruikt.

In Clay Yourself kan je een kleimannetje maken van jezelf. Je hebt geen account nodig, iets waar ik altijd heel erg blij mee ben. De leerlingen bekeken goed hun eigen foto en probeerden daarna zichzelf na te maken in klei. Je kan je kleimannetje daarna downloaden als JPG-bestand. Dat hebben we dan afgeprint en gebruikt als 4de portret.
Maar ik ga Clay Yourself vast nog een keer gebruiken. In de Franse les bijvoorbeeld. Onze jongens en meisjes kunnen al goed mensen beschrijven in het Frans. 'Elle a les yeux bleus', 'Elle porte une blouse verte' of 'Elle a les cheuveux blonds', dat moet al lukken.
Gewone kleifiguren maken is leuk, maar knotsgekke kleifiguren maken is nog véél grappiger. En die kan je dan weer goed beschrijven en français. Voilà!
maandag 1 oktober 2012
In 't leesgras, het volgende vervolg
Ik mag zonder blozen zeggen dat het storm liep voor de vacature van gerant in onze boekhandel. Maar liefst zeventien sollicitanten boden zich aan, schriftelijk of mondeling. Allemaal gemotiveerde, leesgrage, enthousiaste boekenwurmen, die geen enkel probleem maakten van de helaas zéér lage verloning.
Wij van boekhandel "In 't leesgras" hebben dan ook besloten om geen enkele sollicitant te laten verdwijnen in de wervingsreserve. Iedereen wordt aangenomen in een beurtsysteem.
Voortaan zorgen 2 geranten, onze boekbeesten, dus 2 weken lang voor de boekenwinkel. Zij krijgen verschillende opdrachten.
Ze zijn in deze periode verantwoordelijk voor de winkel. Ze zoeken boeken uit die te maken hebben met de thema's die we behandelen in de klas, zoals Europa, de middeleeuwen of het klimaat. Die boeken stellen ze tentoon in de etalage. De geranten mogen ook eigen lievelingsboeken uitstallen natuurlijk. En de kranten en tijdschriften vervangen ze ook.
Een nog belangrijker taak is het promoten van leesboeken. Daarom lezen onze boekbeesten tijdens hun werkweken minstens één leesboek. Daarover maken ze een korte boekbespreking, het promopraatje, en vullen ze een auteursfiche in.
Ook op onze klasblog heeft "In "t leesgras" een eigen plekje. Daar wordt nog wat extra reclame gemaakt voor leuke leesboeken en verschijnen de afgewerkte promopraatjes.
Natuurlijk mogen geranten steeds eigen ideeën om aan boekpromotie te doen, uitwerken. Voorlezen, knutselen, een spreekbeurt... Alles kan en wordt op prijs gesteld.
Zo, boekbeesten genoeg dus.
Tijd voor een nieuw filiaal hier of daar.
Wij van boekhandel "In 't leesgras" hebben dan ook besloten om geen enkele sollicitant te laten verdwijnen in de wervingsreserve. Iedereen wordt aangenomen in een beurtsysteem.
Voortaan zorgen 2 geranten, onze boekbeesten, dus 2 weken lang voor de boekenwinkel. Zij krijgen verschillende opdrachten.
Ze zijn in deze periode verantwoordelijk voor de winkel. Ze zoeken boeken uit die te maken hebben met de thema's die we behandelen in de klas, zoals Europa, de middeleeuwen of het klimaat. Die boeken stellen ze tentoon in de etalage. De geranten mogen ook eigen lievelingsboeken uitstallen natuurlijk. En de kranten en tijdschriften vervangen ze ook.
Een nog belangrijker taak is het promoten van leesboeken. Daarom lezen onze boekbeesten tijdens hun werkweken minstens één leesboek. Daarover maken ze een korte boekbespreking, het promopraatje, en vullen ze een auteursfiche in.
Ook op onze klasblog heeft "In "t leesgras" een eigen plekje. Daar wordt nog wat extra reclame gemaakt voor leuke leesboeken en verschijnen de afgewerkte promopraatjes.
Zo, boekbeesten genoeg dus.
Tijd voor een nieuw filiaal hier of daar.
woensdag 26 september 2012
In 't leesgras, vervolg
Sinds september zijn wij in onze klas dus zelfstandige ondernemers. Onze boekenwinkel "In 't leesgras" wordt dagelijks druk bezocht. De inkomsten zijn wat minder, maar dat is nogal logisch. We verkopen immers geen boeken, we lenen boeken uit.
De afgelopen weken leerden onze kinderen de boekhandel kennen. Ze neusden in de boeken en strips, ontdekten verborgen literaire schatten en testten de grote leesstoel uit. Ik zorgde zelf voor het inrichten van de etalage en het vervangen van de boeken en kranten. Ook het opruimen kwam grotendeels op mijn schouders terecht. Hoog tijd dus voor een paar voltijdse werkkrachten.
Daarom kregen de kinderen een vacature mee naar huis.
Gezocht: een gerant (M/V) van onze boekhandel "In 't leesgras".
Wij verwachten: inrichting en verzorging van de etalage en promotie van leesboeken.
Wij bieden aan: een contract van 2 weken, een boeiende job met veel afwisseling, doorgroeimogelijkheden en géén aantrekkelijke verloning.
Vacatures, daar moet je natuurlijk eventjes goed over nadenken. Zeker kinderen die nog geen 12 zijn, overleggen best eventjes met mama en papa, vooraleer ze solliciteren... :-)
Wij van boekhandel "In 't leesgras" zien de sollicitaties in elk geval met interesse tegemoet.
Wordt vervolgd...
De afgelopen weken leerden onze kinderen de boekhandel kennen. Ze neusden in de boeken en strips, ontdekten verborgen literaire schatten en testten de grote leesstoel uit. Ik zorgde zelf voor het inrichten van de etalage en het vervangen van de boeken en kranten. Ook het opruimen kwam grotendeels op mijn schouders terecht. Hoog tijd dus voor een paar voltijdse werkkrachten.
Daarom kregen de kinderen een vacature mee naar huis.
Gezocht: een gerant (M/V) van onze boekhandel "In 't leesgras".
Wij verwachten: inrichting en verzorging van de etalage en promotie van leesboeken.
Wij bieden aan: een contract van 2 weken, een boeiende job met veel afwisseling, doorgroeimogelijkheden en géén aantrekkelijke verloning.
Wij van boekhandel "In 't leesgras" zien de sollicitaties in elk geval met interesse tegemoet.
Wordt vervolgd...
vrijdag 21 september 2012
In 't leesgras
De Werkwinkel was écht geweldig in het 3de leerjaar. Een hele namiddag zelfstandig aan het werk, zonder morren, terwijl ze ook nog eens het werken met geld en het kloklezen inoefenden. Ik had de winkel zo mee naar het 6de leerjaar willen verhuizen...
Mààr ik ga er natuurlijk van uit dat die grote jongens en meisjes kloklezen en geld tellen een lachertje vinden.
Daarom kreeg de winkel een grondige facelift.
Een Extreme Makeover Werkwinkel Edition dus.
Voortaan verkopen we er geen werk, maar prijzen de kinderen er boeken aan! Onze boekhandel is vanaf dit schooljaar geopend in onze klas.
De winkel heeft dus een andere naam gekregen. "In 't leesgras" verwijst naar onze klasblog en ook naar de leukste manier om boeken te lezen, namelijk liggend in het gras. Daarom groeit er in de etalage van de boekhandel ook echt nepgras. Die plastic matten zien er misschien wat gek uit, maar ze blijken ook best functioneel te zijn, want de boeken blijven mooi openstaan in het leesgras.
De winkel is de hele dag open, net zoals een echt boekhandel. Kinderen kunnen tussendoor altijd komen neuzen in boeken. Het plaatje 'open/gesloten' hangt er dus voorlopig nog voor de sier.
Via Pinterest vond ik prachtige posters om het lezen te promoten. Even bewerken, uitprinten en lamineren en de winkel ziet er meteen wat mooier uit. Ook de vlaggetjes en de kalender die ik kreeg van de plaatselijke bib zorgen voor de aankleding.
In onze boekhandel vind je alles wat met lezen te maken heeft. Griezelboeken, strips, boeken over dieren, prentenboeken, verhalenbundels, poëzie...
In de etalage verzamelen we leesvoer dat te maken heeft met een actueel thema in de klas. Zo vind je deze maand bijvoorbeeld veel boeken over de oorlog, omdat we op meerdaagse uitstap naar de streek rond Ieper gaan, waar de eerste wereldoorlog werd uitgevochten in de loopgraven.

Maar er is nog meer plaats in de etalage. Wie een prachtig boek heeft gelezen, mag dat natuurlijk een mooi plekje geven. We verzamelen ook info over schrijvers en maken promotie voor de Jeugdboekenweek.
En wie liever een krant leest, of een tijdschrift, kan ook in onze boekhandel terecht. De meest recente Wablieftkrant hangt aan de kapstok.
Natuurlijk zitten we nog volop in de opstartfase van onze eigen zaak. Het is de bedoeling dat we steeds meer gaan evolueren naar een boekhandel die wordt gerund door de kinderen zelf. Het zou leuk zijn als de kinderen in groepjes van 2 of 3, gedurende twee weken, zaakvoerders zouden kunnen worden van "In 't leesgras". Zij worden dan onze boekbeesten. De oude, traditionele boekbespreking kan op die manier vervangen worden door het runnen van de winkel. De leesbeesten kunnen vanuit hun etalage een promopraatje houden over een leuk boek dat ze gelezen hebben. Daarbij zouden ze ook een affiche kunnen maken over het boek en de schrijver, eventueel via online tools, zoals Glogster.
Heel wat mogelijkheden, die we dit jaar kunnen uitproberen. Ik heb er in elk geval zin in.
Boekhandel "In 't leesgras" wordt dus... een vervolgverhaal!
Mààr ik ga er natuurlijk van uit dat die grote jongens en meisjes kloklezen en geld tellen een lachertje vinden.
Daarom kreeg de winkel een grondige facelift.
Een Extreme Makeover Werkwinkel Edition dus.
Voortaan verkopen we er geen werk, maar prijzen de kinderen er boeken aan! Onze boekhandel is vanaf dit schooljaar geopend in onze klas.
De winkel is de hele dag open, net zoals een echt boekhandel. Kinderen kunnen tussendoor altijd komen neuzen in boeken. Het plaatje 'open/gesloten' hangt er dus voorlopig nog voor de sier.
Via Pinterest vond ik prachtige posters om het lezen te promoten. Even bewerken, uitprinten en lamineren en de winkel ziet er meteen wat mooier uit. Ook de vlaggetjes en de kalender die ik kreeg van de plaatselijke bib zorgen voor de aankleding.
In onze boekhandel vind je alles wat met lezen te maken heeft. Griezelboeken, strips, boeken over dieren, prentenboeken, verhalenbundels, poëzie...
In de etalage verzamelen we leesvoer dat te maken heeft met een actueel thema in de klas. Zo vind je deze maand bijvoorbeeld veel boeken over de oorlog, omdat we op meerdaagse uitstap naar de streek rond Ieper gaan, waar de eerste wereldoorlog werd uitgevochten in de loopgraven.
Maar er is nog meer plaats in de etalage. Wie een prachtig boek heeft gelezen, mag dat natuurlijk een mooi plekje geven. We verzamelen ook info over schrijvers en maken promotie voor de Jeugdboekenweek.
En wie liever een krant leest, of een tijdschrift, kan ook in onze boekhandel terecht. De meest recente Wablieftkrant hangt aan de kapstok.
Natuurlijk zitten we nog volop in de opstartfase van onze eigen zaak. Het is de bedoeling dat we steeds meer gaan evolueren naar een boekhandel die wordt gerund door de kinderen zelf. Het zou leuk zijn als de kinderen in groepjes van 2 of 3, gedurende twee weken, zaakvoerders zouden kunnen worden van "In 't leesgras". Zij worden dan onze boekbeesten. De oude, traditionele boekbespreking kan op die manier vervangen worden door het runnen van de winkel. De leesbeesten kunnen vanuit hun etalage een promopraatje houden over een leuk boek dat ze gelezen hebben. Daarbij zouden ze ook een affiche kunnen maken over het boek en de schrijver, eventueel via online tools, zoals Glogster.
Heel wat mogelijkheden, die we dit jaar kunnen uitproberen. Ik heb er in elk geval zin in.
Boekhandel "In 't leesgras" wordt dus... een vervolgverhaal!
Abonneren op:
Posts (Atom)




